De Schiedammer Online https://deschiedammer.nl/Portals/1/Logo/s-logo.png

Wij waren de Gusto; hadden ze graag zo gehouden

Van Dam maakte carrière bij de Gusto

Van Dam maakte carrière bij de Gusto

SCHIEDAM - De ouders van Bart van Dam (75) kwamen uit de Hoeksche Waard, maar gingen in 1938 in Schiedam wonen. Zijn vader ging toen werken bij de Werf Gusto. Bart van Dam werd in de Gorzen geboren, ging in 1965 werken bij de Personeelsdienst van Gusto en zou er - tot lang na de sluiting in Schiedam - een topcarrière maken in directie en raad van bestuur. Hij sloot zijn loopbaan af als directeur van Van Leeuwen Buizen. Nu geniet hij met zijn echtgenote van de oude dag in Burgh Haamstede. Bij de opening van de tentoonstelling in het Stedelijk Museum Schiedam 'Wij waren de Gusto' hield Bart van Dam een inleiding, een stuk geschiedschrijving die je hier integraal kunt lezen.

"De tentoonstelling die vandaag geopend wordt bestaat uit foto’s die Cas Oorthuys vooral heeft gemaakt voor het boek “De Som der delen”, dat in 1962 verscheen ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van Werf Gusto v/h A.F. Smulders. Maar in deze tentoonstelling ligt vooral het accent op de mensen die Gusto groot hebben gemaakt.

Eerst wil ik u even vertellen wat ik heb met Werf Gusto. Ik ben geboren in de Rijnstraat, in de wijk de Gorzen van Schiedam, tegenwoordig netjes Schiedam-Zuid genoemd. Mijn ouders gingen daar in 1938 wonen omdat mijn vader als brander bij Gusto ging werken. Toen ik in 1965 bij Gusto ging werken op de Personeelsdienst heb ik gezocht naar zijn dossier, maar in de 2e Wereldoorlog waren die zomaar ineens verdwenen…Maar niet mijn vader; hij zat ondergedoken, maar de werf bracht iedere week trouw zijn loonzakje. Ik heb bij Werf Gusto als chef personeelszaken gewerkt tot voorjaar 1974. Toen werd van Gusto Staalbouw een zelfstandige BV gemaakt en verhuisde ik met 800 medewerkers mee naar Sliedrecht en later naar Slikkerveer. Maar de band met Gusto bleef heel nauw; doordat vele Staalbouwers nog op het zogenoemde kaarsenterrein in Schiedam werkten en door werk dat IHC Gusto uitbesteedde aan IHC Gusto Staalbouw op Slikkerveer.

Ik kwam binnen in een bedrijf dat in 1965 niet zoveel anders was dan de jaren waarover deze tentoonstelling gaat; maar ook niet helemaal het zelfde. Van alle producten die Werf Gusto en Gusto Staalbouw tot 1963 maakten, was niet veel meer hetzelfde. Kranen, drijvende kranen, vrachtschepen, baggermolens, mijnenvegers, sleepboten, snijkopzuigers, veerboten, hoogovens, bruggen, schachten voor de mijnen, het liep allemaal op z’n einde. Binnen de in 1943 opgerichte Industriële Handelscombinatie Holland had Werf Gusto al in 1957 aangedrongen haar te erkennen als de offshore specialist van de Groep. Toen tevergeefs, maar in 1968 – toen IHC in divisies werd ingedeeld – kreeg IHC Gusto haar zin en vormde ze de productgroep Offshore, samen met Gusto Staalbouw, Gusto Slikkerveer en Gusto Geleen. En Gusto Staalbouw ging mede daardoor meer en meer de kant op van fixed offshore platforms en jackets in plaats van de montages ergens in het land. Voorlopers van die productverandering naar offshoreproducten waren het booreiland Seashell (8-palig eiland in 1959 voor Shell), 2 kraaneilanden voor de nieuwe pieren van IJmuiden en niet te vergeten de in samenwerking met Shell ontwikkelde olieoverslagboeien (SBM’s), waarvan er veel werden gebouwd, later ook met eigen opslagcapaciteit daaraan gekoppeld. De booreilanden volgden elkaar in snel tempo op, mede ook dankzij de door Gusto ontwikkelde klimsystemen. De binnen Gusto opgerichte afdeling Productontwikkeling was voor veel jonge ingenieurs een “speeltuin” waar veel ideeën tot werkelijkheid werden: boorschepen met dynamic positioning, enorme pijpenleggers zoals de Viking Pyper en grote kranen voor kraaneilanden voor de offshore.

Hoewel het boek “De som der delen” trots schrijft dat Werf Gusto bekend was om zijn objecten van afwijkend of specialistisch type (voor die tijd zeker terecht) denk ik toch dat Gusto
vooral wereldfaam verwierf op het genoemde terrein van de offshore. Niet voor niets borduurt de oude engineering-afdeling van de Werf  - nu bekend als Gusto MSC – met veel succes voort op hetgeen tussen de jaren 1959 en 1978 werd bedacht en gebouwd. Helaas kwam aan IHC Gusto op 13 juli 1978 een einde bij de tewaterlating van de CO 950, een toen nog onverkocht boorschip. Kansloos ten onder gegaan aan de industriepolitiek van de Nederlandse overheid, aan de sterk verouderde outillage en aan besluitvaardigheid op de juiste momenten hoe de werf te moderniseren. De schepenhal van Smit Kinderdijk dateert al van 1972…

Maar nu terug naar het thema waar het bij deze tentoonstelling omgaat: wij waren de Gusto! Dan hebben we het over de mensen die de werf groot hebben gemaakt door hun vindingrijkheid, hun inzet, hun vakmanschap en hun loyaliteit aan het bedrijf. Was die groter dan bij andere werven; rechtvaardigt dat het thema: wij waren de Gusto. En kunnen we daarvoor dan redenen aandragen? Ik ga proberen er een aantal te noemen:
- toen Gusto zich in Schiedam vestigde was de stad in grote problemen door het teloor gaan van de moutwijn-industrie.
- werkgelegenheid was dus zeer welkom en hele families werden lid van die grote Gusto-familie.
- de medewerkers die Gusto nodig had, vroegen ook om huisvestingsplannen van de gemeente Schiedam; die kwamen er ook en veel Gusto-mensen woonden daardoor vaak in dezelfde buurt: kort voor en de eerste jaren na de 2e wereldoorlog vooral in de Gorzen. Als om 12.30 uur de fluit van de werf ging, spoedden grote groepen mensen zich snel naar huis voor de warme hap, om zich om 13.00 uur weer te melden. Behalve als het bedrijf vergeten was de brugwachters aan de Buitensluis met nieuwjaar een fooitje te geven; dan bleef de brug even wat langer open staan rond die tijd……. 
- na de 2e wereldoorlog was Nederland in opbouw en Werf Gusto zeker ook; werk en samenleving ondergingen een geweldige facelift en verenigingen kwamen ook binnen het bedrijf tot leven: Gusto Personeelsvereniging, Gusto Muziekvereniging, Gusto Sportvereniging, Gusto Autoclub, Gusto schilderclub, etc. Maar ook buiten het bedrijf zagen medewerkers elkaar in diverse verbanden; wat te denken van de Oranjeverenigingen die in vele buurten nog jaren hebben gebloeid; bij ons thuis lagen de vlaggenstokken voor Koninginnedag en bevrijdingsdag jarenlang in de schuur opgeslagen.
- Werf Gusto was de enige werf in de wijde omtrek die alleen nieuwbouw activiteiten had; de andere werven combineerden dat met reparatie, zoals Wilton Feijenoord en de RDM. En dat betekende dat alle medewerkers zich bij iedere tewaterlating deelnemer aan het succes mochten voelen; als onder de klanken van Gusto’s Muziekvereniging weer een schip werd gedoopt en te water gelaten, voelde dat ook als een persoonlijk succes, waarvan de vaak aanwezige familieleden mede getuige waren.
- medewerkers – vooral in de fabriek – waren zeer honkvast; je ging toch niet van Gusto bij Wilton werken en zoveel andere (metaal-)smaken waren er niet; bovendien was Gusto als bedrijf behoorlijk overzichtelijk voor de medewerkers vergeleken bij kolossen als Wilton, RDM of Verolme.
- en niet te vergeten: Werf Gusto v/h A.F. Smulders was een familiebedrijf; de familiedynastie liep tastbaar rond en huldigde persoonlijk de vele jubilarissen. En de in Schiedan wonende president-directeur Henri Smulders had een sterke band met de Rooms Katholieke kerk, waarvoor Gusto jarenlang gratis de koster leverde voor de kerk in de Lekstraat; kwam er weer een timmerman langs op de afdeling PZ: nou meneer, tot over een paar jaar maar weer...

En daarna, na 1962? De verhoudingen werden langzaam maar zeker anders, niet alleen bij Werf Gusto, ook in de maatschappij. Stakingen kwamen veelvuldiger voor; was dat bij Gusto voor het laatst in 1960, in de jaren ’70 was het andere koek. Als de tentoonstelling over die jaren was gegaan, dan waren stakingen van soms wel 16 dagen opgenomen geweest, waarbij een directiesecretaresse met haar schoen de stakers te lijf wilde gaan die haar de toegang tot het bedrijf ontzegden. Die schoen is ze geruime tijd kwijt geweest…Dankzij die staking sneuvelde ook de beroemde poort van de werf; je kon hem te gemakkelijk blokkeren vond de directie. En de mannen van Gusto Staalbouw waren uit ander hout gesneden; ze kwamen veel uit de omgeving van Hank, Made en Dussen en hadden niet zo veel met vakbonden die stakingen wilden. Maar toch: de betoging van Gusto-medewerkers in Den Haag eind 1977 tegen de sluiting van de Werf en de tranen na de tewaterlating van de CO 950 lieten nog steeds zien dat het thema van deze tentoonstelling terecht gekozen is: wij waren de Gusto en dat hadden ze graag zo gehouden."

Foto door Louise Melchers

Laat een reactie achter

Naam:
E-mailadres:
Reactie:
Reactie toevoegen

Meest gelezen: