De Schiedammer Online https://deschiedammer.nl/Portals/1/Logo/s-logo.png

Naar de supermarkt

Alsjeblieft afstand. Doe het dan

Alsjeblieft afstand. Doe het dan

Vorige week zondag had ik wat vlees, groente en fruit gekocht. Na een week is het tijd voor aanvulling van de voorraad. De weekmarkt is afgelast. Via internet bestellen heeft weinig zin, althans ik kan bij onze bekendste grootgrutter tot en met 4 april geen bezorgmoment vinden. Bestellen en ophalen bij een pick up punt in Rotterdam, Delft of Den Haag levert ook geen soelaas. Ik zie me genoodzaakt naar een supermarkt in de buurt te gaan, maar ik zie er erg tegenop.

Fijn dat de burgemeester de supermarkten opriep maximaal honderd klanten tegelijk te laten winkelen. Daar ben je er echter nog niet mee. Het blijkt ook heel lastig om in de gangpaden van de supermarkt een afstand van anderhalve meter aan te kunnen houden, hoe graag je dat ook wilt en ook al zijn er veel minder klanten dan honderd.

Uit voorzorg heb ik mijn mond bedekt met een oud mondkapje uit een bouwmarkt met eroverheen een sjaal. Ik doe een muntje in de winkelwagen, ga door het poortje en de jacht op het benodigde eten voor mijn gezin kan beginnen. Jacht? Eh, ja, ik voel me als een alerte krijger die eropuit is gestuurd met gevaar voor eigen leven eten en drinken binnen te brengen voor vrouw en kinderen.

‘Hou je goed afstand?’ zei mijn bezorgde vrouw nog, maar dat valt niet mee. Het begon al bij binnenkomst. Tussen het langgerekte groenteschap aan de linkerzijde en de plastic deuren voor de koeling aan rechterzijde staat een jongen van een jaar of twintig. Hij staat achter zijn steekwagen met kratten, met de deur van de koeling open, gezellig te babbelen met een winkelende leeftijdsgenoot. Ik wacht even tot ik er langs kan. Ze nemen zoveel ruimte in dat een afstand van 1,5 meter niet te realiseren valt. Het gesprek gaat over voetbal en zo, en het gaat maar door. Geen enkel teken van bezorgdheid of alertheid bij deze jongelingen.

Tussen hen door zwalkt een dertiger, die druk en luidkeels aan het bellen is. Enig besef van afstand houden lijkt deze beller niet te hebben. Sterker nog, het lijkt erop dat hij zijn omgeving niet eens waarneemt, zo druk is hij telefonisch in gesprek. Mij ziet hij in elk geval niet staan, want hij komt vrolijk mijn kant uit. Dan maar aan de andere kant langs het groenteschap, denk ik, al heb ik daar weinig te zoeken. De kruimige aardappelen die ik wil hebben, liggen namelijk vlakbij de nog steeds doorkletsende vakkenvuller.

Dan maar door naar het kruidenvak. Terwijl ik het juiste potje kerrie zoek, komen andere klanten direct naast me staan om ook een potje uit te zoeken. Normaal heb ik daar geen enkele moeite mee, nu wel. Blijf uit de buurt, mens, denk ik, wacht even tot ik mijn potje kerrie heb gepakt. Er is genoeg. Ik gris een potje uit het rek en ga snel verder.

Op mijn lijstje staan twee pakjes gesneden kaas. Vijf vakkenvullers, tussen de naar ik schat vijftien en twintig jaar, staan er op een kluitje, druk pratend en dollend en af en toe ook een vak vullend. Ik sta op gegeven moment met mijn winkelwagentje tussen het groepje en een mevrouw met een winkelwagentje ‘opgesloten’. Ik kan geen kant uit, als ik de anderhalve meter benodigde afstand in acht wil nemen. De mevrouw begrijpt het, ze loopt met haar karretje achteruit. Met gepaste afstand wisselen we enkele woorden van wederzijds begrip.

Bij het vak met vleesvervangers aangekomen, neem ik enkele seconden de tijd om het juiste pakje tofu uit het koelvak te halen. Plotseling staat er een vakkenvuller naast me. Ik schrik en ik deins terug. ‘Houd afstand van me’, roep ik hem vanonder mijn mondkapje en sjaal toe. Hij komt dichterbij: ‘Sorry, ik versta u niet mijnheer’. ‘Houd toch afstand, denk na, houd afstand, zijn jullie er dan helemaal niet mee bezig?’ ‘Eh, meneer, wij hebben onze targets.’

Dan moeten de boodschappen nog worden afgerekend. Een meisje achter de kassa, zonder enige voorzorgsmaatregelen. Géén mondkapje op, geen opgetrokken afscherming. Anderhalve meter afstand? Echt niet. Zou ze zich bewust zijn van het risico dat ook zij loopt?

Ik kan het al die jongens en meisjes in de supermarkt ook niet kwalijk nemen. Krijgen ze immers niet steeds de verkeerde signalen dat het voor de jongeren allemaal wel meevalt met een besmetting? Hebben ze wel in de gaten dat zij dan misschien, want dat is nog niet duidelijk, minder ziek kunnen worden, maar dat ze wel degelijk anderen aan kunnen steken die een zwakkere gezondheid hebben?

De klanten kopen massaal, de vakken moeten vol, dat willen de klanten, dat willen de supermarktmanagers die ook op de werkvloer lopen én de grote bazen die achter de veilige schermen zitten.

Een vakkenvullende scholier die bij een Dirk elders in het land op eigen initiatief een mondkapje had opgedaan, kreeg van zijn manager de keus: mondkapje af en doorwerken of naar huis. De verstandige jongen koos voor het laatste.

Ik vind het echt onbegrijpelijk dat vanuit de supermarkten het personeel en daarmee de klanten geen betere bescherming wordt geboden. Ik zie ook graag verdere regels voor een supermarkt. Stel een routing in voor klanten zodat ze elkaar niet kunnen tegenkomen. Erin, vervolgens één dwingend te volgen route, veilig betalen bijvoorbeeld met zelfscanner en er weer uit. En de vakken laten vullen buiten winkeltijd. Dan kunnen we met z’n allen op gepaste afstand van elkaar veilig winkelen.

‘Maximaal 100 tegelijk’, waartoe de burgemeester opriep, is een eerste stap. Volgens mij moeten we hier in ieder geval nog veel meer stappen zetten. Betrek daarbij ook de kleine winkelier, die heel consciëntieus een bijdrage kan leveren in de levensmiddelenverstrekking. Eén klant tegelijk naar binnen en de rest buiten wachten in een rij met voldoende afstand.

Mij zien ze voorlopig niet meer bij de supermarkt, zolang wij het volhouden. Als ik dan een Sporthal Margriet ingericht zie worden waar tien tenten zijn opgesteld om patiënten met verdenking van de besmetting met het virus uit Schiedam, Vlaardingen en Maassluis te kunnen opvangen, dan ben ik er niet echt gerust op. Dan denk ik, nu gaat het echt beginnen.

Ik ben er ook helemaal niet gerust op dat we dit virus op 6 april voldoende onder controle zullen hebben. Ik denk dat de maatregelen nog wel verlengd en uitgebreid zullen worden. Ik vrees dat ik echt nog wel een keer boodschappen moet gaan doen en dan liefst met zo min mogelijk risico. Ik houd afstand. Maar voor afstand heb je ook de anderen nodig. Laten we alsjeblieft ons hoofd gebruiken, niet even, maar steeds, en afstand houden, zodat niet alleen de klant, maar ook het supermarktpersoneel gezond blijft. Alsjeblieft.

Jan Schrijver

N.B. 1: de getoonde foto toont niet de schappen van de door mij gistermiddag bezochte supermarkt

N.B. 2: kort na de publicatie van bovenstaande column, werden nieuwe maatregelen door de Rijksoverheid afgekondigd. Daarin wordt onder meer van een deurbeleid gesproken. "Winkels en het openbaar vervoer worden verplicht om maatregelen te nemen om ervoor te zorgen dat mensen afstand houden, bijvoorbeeld via een deurbeleid."

Laat een reactie achter

Naam:
E-mailadres:
Reactie:
Reactie toevoegen

Meest gelezen: